Want gij waart eertijds duisternis, maar nu zijt gij licht in den Heere; wandelt als kinderen des lichts (Want de vrucht des Geestes is in alle goedheid en rechtvaardigheid en waarheid), beproevende wat den Heere welbehaaglijk is.
Efeze 5: 8 – 10
Licht en donker
Licht en donker zijn beelden die vaker voorkomen in de Schrift. Beeldend, ook in deze tijd, nu de dagen korter worden. Ze zijn bekend uit ons dagelijks leven. Licht brengt voort, doet groeien, verheugt etc. In het donker voelen we ons ongemakkelijk. Als kind herkenden we dat. In het donker naar boven om de pyjama aan te doen, was niet de meest eenvoudige opdracht.
Het donker bedekt ook veel. Het ligt als een deken over alles heen. Iets dat je in het licht gemakkelijk zou herkennen, kan er in het duister angstaanjagend uitzien. Een geluid wat in het licht weinig doet, kan in het donker aan het schrikken maken.
Het duister bedekt ook het verkeerde, datgene wat het daglicht niet kan verdragen. Als er geheimzinnige praktijken plaatsvinden, is dat nauwelijks te zien. Totdat bijvoorbeeld de politie er licht op laat vallen. Dan is het te zien! Wat openbaar maakt, is licht (vers 13).
Het licht is het beeld van Christus: het Licht der wereld. Duisternis is een beeld van de natuurlijke mens. Een beeld van de vorst van de duisternis: de duivel.
Van het licht afgekeerd
Donker is het op aarde en van nature in ons hart als gevolg van de zonde. Jesaja spreekt over het volk dat in duisternis is en in de schaduw van de dood. Toen Adam en Eva zondigden ging het licht uit. Of beter: wij keerden ons af van het licht en toe naar de duisternis. Tegelijk ging het licht weer aan. Of beter: De Heere kwam met Zijn licht in de duisternis en beloofde de Verlosser: Zijn eigen Zoon. Het Licht der wereld.
Licht in de Heere
Dat is de enige reden waarom Paulus in vers 8 kan schrijven: ‘U was eertijds duisternis, maar nu bent u licht in de Heere’. Let erop dat er niet staat ‘in de duisternis/in het licht’. Nee: u was duisternis. Nu bent u licht in de Heere. Paulus borduurt hiermee door op wat hij al schreef in 5: 3-7 en nog verder terug: 4: 18, 19, 24 en hoofdstuk 2.
Opnieuw zien we hier dus het patroon dat we al vaker tegenkwamen in deze brief. Paulus wijst terug op wie de heiligen te Efeze waren (duisternis) en op de genade van God (licht in de Heere). U was in uzelf duisternis. Nu bent u licht. Niet in uzelf, maar in de Heere, schrijft Paulus. Paulus schrijft niet dat de christenen te Efeze licht moeten worden, maar dat ze het zijn in de Heere. Daarom behoren ze te leven als kinderen van het licht. Bestraalt en beschenen door de Zon van de gerechtigheid en Zijn genade. Opdat zo als vrucht van het Licht de vrucht van de Geest zal groeien (vers 9).
Vrucht
Hoge woorden, is het niet? Toch ook troostvol. Voor wie? Voor degene die in zichzelf alleen maar duisternis ziet. Licht is er niet en zal er nooit zijn vanuit onszelf. Licht in de Heere. Dat wil zeggen: beschenen door Zijn licht.
Juist in Zijn licht gaan we zien dat we duisternis zijn. Dat licht legt alles open. Als Hij ons hart en leven stelt in het licht van Zijn heilig aangezicht, breekt Hij dwars door onze eigen vroomheid heen. Schuldig en onrein. Maar waar het licht van de Zon van de gerechtigheid opgaat, is er genezing onder Zijn vleugels (Mal. 4). Die Zon maakt tot een licht. Zoals de zon in de natuur door de warmte groei veroorzaakt, maakt de Zon door Zijn genade vruchtbaar. De vrucht groeit door het Licht als vanzelf. Dat betekent niet dat christenen met de armen over elkaar moeten gaan zitten, maar wel dat de vrucht van de Geest van binnenuit groeit. Het gaat niet zomaar over ons uiterlijk gedrag, laat staan om uiterlijk vertoon. Vrucht van binnenuit is wel bijzonder, maar (vaak) niet opzienbarend. Die vrucht van de Geest krijgt gestalte in het gewone dagelijkse leven.
Reflecteren
Vrucht dragen volgt dus en vloeit voort uit de Zon der gerechtigheid. Levend uit Zijn onverdiende genade, gaat een christen Zijn licht reflecteren. Zoals de maan het licht van de zon reflecteert. Dat licht verflauwt als de aarde tussen de zon en de maan in staat. Dan is het in plaats van volle maan een maansverduistering. Zo is het in het leven van een christen ook. Wanneer we aan Zijn voeten verkeren, verkeren we in Zijn licht. Bij het diep besef van Zijn onverdiende genade voor zondaren als wij, is het verlangen naar heiliging het grootst. Juist dan gaan we iets reflecteren van Zijn goedheid, rechtvaardigheid, waarheid. Als vrucht van het licht, van de Geest. Paulus noemt hier:
- Goedheid. Dat is het tegenovergestelde van gierigheid (5: 5). Niet zien op jezelf, maar op de ander. Denk aan wat Paulus schreef over vergeving (4: 32) en liefde (5: 1).
- Rechtvaardigheid, die naar Zijn Woord en wet is. Anders gezegd: alles wat Paulus schrijft in de hoofdstukken 4-6.
- Waarheid. Dat ziet in deze brief vooral op de waarheid van Gods Woord en de leer en daarvandaan ook in oprechtheid tegenover elkaar (zie 4: 15, 25, 29).
Samenvattend zegt Paulus: ‘Beproevende wat de Heere welbehaaglijk is.’ Dat betekent niet dat we alles maar uit moeten proberen. Beproeven betekent testen. Daarin klinkt mee: ontdekken, of leren. Dat betekent dat we ons in alles wat op ons afkomt, leren onderwerpen aan Zijn wil. Dat alles getoetst wordt aan Zijn Woord. Dat is heel concreet. Concreet in de waarheid van de leer, concreet in de verhouding tot andere mensen, concreet in kleding en gedrag etc., zo blijkt uit wat Paulus in deze brief schrijft. Dat is tegelijk verloochening van onszelf. De norm is niet wat ons fijn lijkt, wat de mode is, of wat de cultuur om ons heen ons zegt. De norm is wat de Heere wil. Hoe weten we dat? Luister naar Zijn Woord en zie naar Christus’ leven.
Hij is Voorbeeld. En tegelijk is Hij Bron. Hij werd geleid door de Geest, Die neerdaalde op Hem toen Hij werd gedoopt. Het is diezelfde Geest die ook nu in kinderen van het licht, die vrucht voorbrengt. Bedelen bij de Bron. Leven uit de Bron. Wandelt dan als kinderen van het licht. Als adventskind, verwachtende en uitziende naar Zijn toekomst. Dat bevel brengt ons op de knieën, toch?! O, Zoon maak mij Uw Beeld gelijk.
Ds. A. Kos